Een uitpuilende tussenwervelschijf in de nek die een zenuwwortel irriteert, met pijn die naar schouder, arm of hand uitstraalt.
Bij een nekhernia (cervicale hernia) puilt de gelei-achtige kern van een tussenwervelschijf in de nek naar buiten en kan druk uitoefenen op een zenuwwortel. Dit geeft het beeld van een cervicale radiculopathie, ook wel brachialgie genoemd: pijn die vanuit de nek naar schouder, arm of hand uitstraalt. Nekpijn zelf kan er bij zijn, maar hoeft niet.
Meestal gaat het om pijn die van de nek of het schouderblad naar de arm uitstraalt, soms tot in de vingers, vaak met tintelingen, een doof gevoel of een zwak gevoel in de arm of hand. Welke vingers of welk deel van de arm klachten geven, hangt af van welke zenuwwortel is aangedaan. De pijn neemt vaak toe bij bepaalde nekhoudingen, zoals achterover kijken of de nek naar de aangedane kant draaien, en kan 's nachts hinderlijk zijn.
Een nekhernia is een bekende, maar niet de enige oorzaak van een geïrriteerd zenuwwortel in de nek. Vooral bij mensen boven de 50 is het vaker gewrichtsdegeneratie of een vernauwde zenuwuitgang die de zenuw prikkelt, met precies hetzelfde pijnbeeld. Ook een carpaaltunnelsyndroom, een knelling van de zenuw bij de elleboog of een schouderprobleem kan op armklachten uit de nek lijken. Daarom onderzoeken we altijd nek, schouder en arm samen.
Een nekhernia ontstaat meestal door geleidelijke degeneratie van de tussenwervelschijf, soms uitgelokt door een plotselinge beweging of een trauma, maar vaak zonder duidelijke aanleiding. Het komt het meest voor tussen het 30e en 50e levensjaar. Net als in de onderrug zijn hernia's in de nek op een scan vaak te zien bij mensen zonder klachten, een scan zegt dus niet alles.
Bij afwezigheid van alarmsymptomen is de behandeling in eerste instantie conservatief. We combineren voorlichting, gerichte oefentherapie en manuele therapie, aangevuld met zenuwmobilisatietechnieken en aandacht voor houding en werkplek. Bij een flinke pijnpiek kan de huisarts pijnstilling overwegen. Een nekkraag wordt niet routinematig aangeraden: kortdurend kan hij comfort geven, maar langdurig dragen vertraagt het herstel. Een operatie of injectie wordt overwogen bij aanhoudende, invaliderende klachten of toenemende uitval.
Bij de meeste mensen nemen de klachten binnen enkele weken tot maanden geleidelijk af, vaak ook zonder operatie. De arm- en handklachten verbeteren meestal eerder dan een eventuele nekstijfheid. Geduld en het geleidelijk weer opbouwen van activiteiten zijn belangrijker dan snelheid.
Niet altijd. Armpijn en tintelingen kunnen ook uit de schouder, de elleboog of de pols komen, bijvoorbeeld bij een carpaaltunnelsyndroom. Door nek, schouder en arm samen te onderzoeken, achterhalen we waar de klacht echt vandaan komt.
Meestal niet. Bij het merendeel nemen de klachten binnen enkele weken tot maanden af met conservatieve behandeling. Een operatie wordt overwogen bij aanhoudende, ernstige klachten of toenemend krachtsverlies.
Kortdurend kan een kraag comfort geven bij een pijnpiek, maar langdurig dragen wordt afgeraden, omdat het herstel er eerder door vertraagt. In beweging blijven binnen de pijngrens geeft meestal betere resultaten.
Meestal wel, in aangepaste vorm. We bespreken welke activiteiten klachten uitlokken en bouwen de belasting geleidelijk weer op. Aanpassingen aan uw werkplek kunnen daarbij helpen.
Inhoudelijk gecontroleerd door Fysiotherapie Dobbe - laatst bijgewerkt: september 2026
← Terug naar alle aandoeningen